De Houtwerker

, , Leave a comment

In de gemeenteraad werd er onlangs gesproken over kunst die uit de openbare ruimte verdwenen was. Die kunst zou terug moeten komen vond men. Als er één beeld is geweest dat een onwaarschijnlijke comeback heeft gemaakt is het wel De Houtwerker van Slavomir Miletic geweest. De Houtwerker “ies goed bield”, zei Miletic. Daar had de maker wel gelijk in, maar dat gelijk kreeg hij niet direct nadat hij het beeld had gemaakt, dat duurde nog een tiental jaren.

 

houtwerker1De Joegoslavische kunstenaar Slavomir Miletic woonde in 1962 nog in Amsterdam en werkte uit geldnood als arbeider bij Honig in Zaandam. Daar bleven zijn artistieke ambities niet onopgemerkt. Zowel collega’s als directie zagen in dat deze man tot bijzondere dingen in staat was.

 

Dit resulteerde in een artikel in de krant waardoor Miletic’s leven een andere draai nam. De directeur van Honig las het bericht en besloot zijn werknemer een opdracht te geven voor een beeld. Het werd ‘De Stouwer’; een arbeider die een last op z’n plek duwt.

 

Door dit initiatief raakten bestuurders van de gemeente Zaandam ook bekend met de beeldhouwer en uiteindelijk komt het tot een opdracht voor de kunstenaar. De opdracht was een beeld te maken ter ere van de werkers in de houtindustrie. De beoogde plek zou naast de Beatrixbrug zijn.

 

houtwerker2foto theo verhoeff 2Het  beeld zou een ode aan de Zaanse houtwerker zou moeten worden, de mannen die de houtboten losten, de balken tot vlotten maakten om ze naar de zagerijen in het Westzijderveld te slepen.

 

Op deze uitsnede van een foto is een balkenvlotter te zien. Mannen die van de losse balken vlotten maakten. Daarnaast het beeld  De Houtwerker. Mogelijk heeft de houding van deze  man Miletic de inspiratie voor het beeld gegeven.

 

De beeldhouwer en zijn gezin kregen een woning toegewezen op dce0a11c219a9b511fc360f9cd833a1a2bca6963e9393d2333cc0b2064b6e12e
Rustenburg 107 en een werkplaats nabij de gasfabriek.

Het beeld kreeg een hoogte van vier meter. De tot stand koming van het beeld ging met vele tegenslagen gepaard. De modellen van gips hielden het niet en stortten in elkaar.

De beoordeling van de gemeente, in eerste instantie door gemeente architect Bakker, was negatief. Het was technisch niet goed, het was artistiek niet goed. Voor een deskundig oordeel in deze zaak werd een (geheime) commissie ingesteld om het beeld te beoordelen.

 

Een contra-expertise liet zien dat er technisch gezien geen problemen met het zes ton zware betonnen beeld waren. Over de artistieke kwaliteit liet o.a. Willem Sandberg, oud-directeur van het Stedelijk Museum Amsterdam, zich positief uit.

Per brief werd Miletic op de hoogte gesteld van het besluit en werd er  tevens een afrekening meegestuurd en na aftrek van gemaakte kosten bleef er voor de kunstenaar van de aan hem toegekende zesduizend gulden f 2.721,92 over. Omdat Miletic dat als een afkoop beschouwde raakte hij dat geld niet aan. En omdat het beeld bij vele Zaankanters goed in de smaak viel, kreeg de geplaagde kunstenaar en zijn gezin van alle kanten  hulp en ondersteuning.

houtwerker4

 

Vanuit de burgerij zijn nog vele pogingen ondernomen om geld in te zamelen zodat het beeld toch in Zaandam geplaatst kon worden, maar die hadden onvoldoende succes.

En toen begon een lange reis van De Houtwerker. Miletic verkocht in 1971 zijn beeld aan kooplieden van het Amsterdamse Waterlooplein voor 25 cent. Het heeft vele jaren op het plein gestaan.

In de jaren daarna bleef het beeld aandacht houden van Zaankanters o.a. via de stichting ‘Vrienden De Houtwerker’. Ze kregen steun van Ruud Vreeman die bij zijn aantreden als burgemeester in 1997 verklaarde er alles aan te zullen doen om de Houtwerker een plek in Zaandam te geven.

 

BuitenbeeldinbeeldEn in 2004, vlak na zijn afscheid als burgemeester kon Vreeman, met Slavomir Miletic, het in brons gegoten beeld aan de Houthavenkade onthullen.

 

De Houtwerker, zoals Miletic het ooit uitdrukte, “ies goed bield”, en dat is het ook, en eindelijk op de plek langs de haven waar ooit het hout door vele handen werd verwerkt.

 

 

 

Foto’s: Gemeenteaarchief Zaanstad, Stadsarchief Amsterdam, P. Marcuse,  Theo Verhoeff, Buitenbeeldinbeeld